Marc Andries studeerde af aan de Vrije Universiteit Brussel als ingenieur in de scheikundige en landbouwindustrieën. Met die bagage aan kennis zou hij nadien een heel gevarieerde loopbaan opbouwen.

 

Meura

 

Eerst ging hij aan de slag bij de firma Meura, de grootste producent – zeker in België – van materiaal voor de brouwerijindustrie. Marc werkte er vooral rond gistingssystemen, o.a. systemen voor gistpropagatie, maar vooral toch de ontwikkeling van de Immobilised Yeast Fermentor (IYF) was zijn ‘ding’. Zoals hierboven al gezegd, is dit een systeem waarbij de vergisting van wort tot bier – een proces dat op de traditionele manier verschillende dagen in beslag neemt – kan gereduceerd worden tot één dag. Vereenvoudigd en beeldend voorgesteld komt het er eigenlijk op neer dat het klassieke systeem omgekeerd wordt. Klassiek is het de wort die stilstaat en de gistcellen zwemmen er in rond om de suikers op te sporen en op te eten. Bij de IYF zitten de gistcellen vast op de wand van poreuze keramische buisjes, waardoor de wort stroomt. De gistcellen hoeven dus alleen maar ‘toe te happen’ in de voorbijstromende suikers en hoeven geen verdere inspanning te leveren (meer info: zie Den Bierproever nr. 54, januari 1999).

De ontwikkeling van het procédé tot een commercieel haalbaar en verkoopbaar resultaat vergde echter zware investeringen, en om een lang verhaal kort te maken: Meura was niet bereid die investering te doen, zodat het project in feite stilaan doodbloedde.

 

Achouffe

 

Onder meer daarom verliet Marc Andries het bedrijf Meura. Gedurende een jaar was hij dan actief in Brasserie d’Achouffe, waar zijn verantwoordelijkheden vooral op het technische vlak lagen, meer bepaald het opvolgen van de productie. Tegelijkertijd was hij ook actief in de in 1993 heropgestarte brasserie Piron in Aubel, waar de brouwerij van Achouffe in 1996 een meerderheidsparticipatie had genomen. Daar experimenteerde hij verder met het continue gistingsssyteem. De commerciële partner in brouwerij Piron ging echter failliet en Brasserie d’Achouffe besloot niet verder te gaan met de brouwerij in Aubel.

Tijdens deze periode van zijn beroepsleven was Marc ook deeltijds aan de slag aan de Katholieke Universiteit Leuven, waar hij instond voor de begeleiding van studenten bij hun eindejaarswerk.

 

Haacht

 

Rond die tijd leerde Marc ook zijn huidige echtgenote kennen, en die zag een verhuis naar het verre Achouffe eigenlijk niet zitten. Marc verliet dus Achouffe en ging aan het werk in de brouwerij Haacht in Boortmeerbeek, waar men op dat moment iemand zocht om de bottelarij te leiden en een project mee op poten te zetten om een nieuwe bottelarij te installeren en op te starten. Het werd een periode waarin hij niet alleen zijn technische kennis optimaal kon benutten, maar waarin hij ook heel wat ervaring verwierf in het leiden en motiveren van een relatief grote groep werknemers.

 

Zonnecellen

 

Door de ervaringen in Achouffe en Haacht had Marc eigenlijk te smaak te pakken gekregen in het opstarten van productielijnen, en toen het project rond het installeren van een nieuwe bottelarij in Haacht achter de rug was, verliet Marc de brouwerij om in een bedrijf in Tienen in wezen hetzelfde te gaan doen, maar dan op een totaal ander gebied: het opstarten van een productielijn voor de fabricatie van zonnecellen. Hij werkte er gedurende vier jaar, om nadien in Nederland in een ander bedrijf, dat eveneens zonnecellen vervaardigde, zijn bezigheden voort te zetten.

In de zomer van vorig jaar werd hij benaderd door Liefmans Breweries om het productieproces in de brouwerij, die in zware financiële moeilijkheden zat, eens volledig terug op poten te zetten. Marc wilde hier wel op ingaan, maar diende eerst zijn contract in Nederland af te werken. In principe had hij begin januari van dit jaar aan de slag kunnen gaan in Dentergem, maar zoals bekend ging Liefmans Breweries net voor Kerstmis failliet en kwam er van de geplande overgang niets in huis.

 

Eigen brouwerij

 

Die onvoorziene omstandigheden brachten een al lang sluimerend project plots in een echte stroomversnelling: het opstarten van een eigen brouwerij. Weliswaar werkte bij in de eerste helft van dit jaar nog als ploegleider bij Côte d’Or om toch een inkomen te hebben, maar het was vanaf het begin de bedoeling dat zijn brouwerij een full time beroepsbezigheid zou worden. Op 10 maart 2008 werd de BVBA Brouwerij De Vlier officieel opgericht, een eerste grote stap.

Als locatie werd een leegstaand gebouw in het centrum van de Leuvense deelgemeente Kessel-Lo gevonden, waar vroeger het café Bieduif’ke was gevestigd. De keuze van een naam voor de nieuwe brouwerij vloeide voort uit de streeknaam Vlierbeek en het werd dan ook  brouwerij De Vlier.

In april werd het besluit genomen om een volledig nieuwe brouwinstallatie aan te kopen. Door zijn werkzaamheden bij Meura en in de brouwerijwereld was Marc bevriend geraakt met Pierre Rajotte, een Canadese leverancier van kleine brouwerijinstallaties van goede kwaliteit aan betaalbare prijzen (en ook auteur van het boek “Belgian Ales”). De brouwketels en tanks werden geleverd begin juni en onmiddellijk geïnstalleerd, zodat nog diezelfde maand kon gestart worden met proefbrouwen. Begin juli werd al het eerste bier op grote schaal gebrouwen.

Op het ogenblik van ons bezoek brouwde Marc Andries 500 liter (één brouwsel) per week. Hij wil echter zo snel mogelijk overgaan naar 1500 liter per week. Daartoe worden twee bijkomende gist- en lagertanks van 1000 liter geïnstalleerd..

 

Bron : Interview met Casimir Elsen (Zythos)

Make a Free Website with Yola.